Winschoten, juli 1893
Op Langestraat nr. 111 is het een drukte van belang. De familie die op dit adres woont treft voorbereidingen om op reis te gaan. Niet zomaar een reisje, of vakantie, nee, dit gezin staat op het punt naar een ander land te verhuizen. Het betreft bakker Edsko Hekman en zijn vrouw Hendrikje IJmker met hun vijf kinderen: Edsko van elf, Geesje van tien, Hendrik van acht, Jan van zes en Jelle van vier. In hun nieuwe land, de Verenigde Staten van Amerika, zullen ze anders heten. Zo zal Geesje Gracie worden, Hendrik Henry en Jan John.
Thuis zullen ze nog steeds zijn wie ze waren maar voor de anderen zullen ze een nieuwe identiteit aannemen met deze nieuwe namen. Je naam veranderen is op een bepaalde manier een nieuwe identiteit aannemen. Ik heb zelf mijn naam veranderd van Tineke in Tinah.
Op een bepaald moment in mijn leven klonk Tineke te klein, alsof ik nog een klein kind was. Tinah klinkt en voelt voor mij meer open. Er zijn ook mensen die hun naam veranderen om een bepaalde fase in hun leven te markeren en de Hekman kinderen staan zeker op het punt aan een nieuwe fase in hun leven te beginnen.
Bakker Edsko Hekman, Old Edsko zoals wij hem noemen, heeft een droom. Hij wil meubelmaker worden. Bovendien vindt hij het niet prettig dat zijn werk als bakker van hem vraagt op de zondagavonden het brood voor de maandagochtend te bereiden. Edsko denkt dat hij zijn droom beter in Amerika kan verwezenlijken dan in Nederland.
Edsko Hekman is op 27 april 1858 geboren aan boord van het schip van zijn ouders Edsko Jans Hekman en Annechien Hindriks Naaijer. Hij is de jongste van 13 kinderen. Als schipper vervoert zijn vader graan voor de boeren naar de stad Groningen. Het hele gezin woont in de beperkte ruimte van dat schip. In die tijd, de tweede helft van de 19e eeuw, zal het vervoer van goederen en mensen steeds meer over land gaan plaatsvinden als gevolg van een beter wegennetwerk en de opkomst van de trein. De industrie langs het water wordt steeds minder belangrijk.
Edsko wordt geen schipper maar bakker. Ten tijde van zijn huwelijk met Hendrikje IJmker in januari 1881 is hij bakker te Scheemda. Hendrikje is ook een schipperskind. Zij werd op 15 november 1859 in Hoogeveen, Drenthe, geboren. Toen ze geboren werd was haar vader er niet om aangifte te doen en dus heeft iemand anders dat gedaan. Als Edsko en Hendrikje trouwen is zij al wees en zijn het haar voogden die toestemming voor dit huwelijk geven.
Het paar verhuist van Scheemda naar Winschoten. Dit weten we omdat hun eerste kind, Edsko, daar op 3 november 1881 wordt geboren. Alle kinderen worden in Winschoten geboren.

Edsko heeft zijn “Winschoter Broodfabriek” aan de Langestraat nr. 111, zoals we in een advertentie kunnen lezen. Een andere advertentie laat ons weten dat hij een paar maanden voor vertrek naar Amerika nog steeds bakker is, want er moeten twee personen voor de rechter verschijnen die brood van hem hebben gestolen.

Maar, zoals gezegd, Old Edsko droomde ervan meubelmaker te worden. En dus verlaat het gezin Winschoten, waarschijnlijk per trein, om in Antwerpen aan boord te gaan van de SS Friesland.
De reis zal 10 tot 12 dagen duren dus, waar was jij, Geesje, toen je op 11 juli tien jaar werd. Was je nog thuis in Winschoten of was je al onderweg naar Amerika?
Er is nog een ander gezin uit Nederland aan boord, te weten de Engelhards, Old Edsko’s neef. De bestemming van beide gezinnen is dezelfde: Grand Rapids, Michigan. Daar woont Old Edsko’s zus Antje Hekman Engelhard inmiddels sinds een jaar.
Het moet allemaal wel erg spannend voor de kinderen zijn geweest hoewel het aan de andere kant misschien ook niet zo gemakkelijk was om alles en iedereen achter te laten. Maar het goede nieuws is dat er familieleden zijn die hen zullen opwachten om hen welkom te heten in hun nieuwe land.

Op 25 juli 1893 komt de SS Friesland aan bij Ellis Island, New York. Degenen die zo gelukkig waren eerste- of tweedeklas te kunnen reizen worden zonder meer doorgelaten echter, zij die de reis tussendeks hebben gemaakt worden aan een streng onderzoek onderworpen. Op Ellis Island worden deze mensen niet alleen lichamelijk onderzocht, ook hun achtergrond wordt grondig gecheckt.
Zij die ziek, zwak of misselijk zijn en zij die mogelijk een probleem kunnen gaan vormen omdat zij prostituee zijn, met de politie in aanraking zijn geweest of zelfs crimineel zijn, zij allen zullen worden teruggestuurd naar hun land van herkomst.

De Hekmannen en Engelhards hebben een dergelijke check-up niet nodig en mogen doorreizen naar hun bestemming Grand Rapids.
Andere Hekman gezinnen zullen zich begin 20ste eeuw bij hen voegen, waaronder Roelf Hekman en zijn vrouw Antje van Heukelem in 1905 en Roelfs ouders Pieter Hekman en Boelechien Bos in 1907.
Zoals bijen gedurende de winter samen clusteren om elkaar warm te houden, om te overleven, en nog belangrijker om hun koningin die het toekomstig leven in zich draagt in hun midden te beschermen, zo clusteren de Hekman families samen in Grand Rapids. In het centrum van hun kring houden zij hun eigen religie en cultuur levend, vruchtbare grond die nodig is om een nieuw leven te kunnen opbouwen.
Na ongeveer tien jaar is het tijd om uit te zwermen. Roelf Hekman verhuist met zijn gezin naar Hospers, Iowa. Na vier jaar Iowa trekken ze verder naar het zuiden, naar California, waar ze zich blijvend vestigen, reden waarom zij en hun nakomelingen de “Californians” worden genoemd. Zij die in Grand Rapids achterblijven worden de “ Michiganders ” genoemd.
Er is echter nog een derde Hekman tak, nakomelingen van Egbert Heckman uit Beerta. Zij volgen hun eigen unieke pad, zowel in onze stamboom als in Amerika.
De Californians, Michiganders en mijn familie in Nederland zijn allemaal afstammelingen van onze gemeenschappelijke voorouders Jarcke Hindricks Heckman en Ettien Thedinghe. De Egbert Heckman familie stamt af van Jarcke Hindricks Heckmans broer, Jan Hindricks Heckman en zijn vrouw Teube Hindricks.
Het is 8 maart 1892 als de SS Friesland weer aanlegt bij Ellis Island, New York. Aan boord bevinden zich Engeltje Hekman uit Beerta, haar man Fokko van der Laan, hun kinderen Berend (Ben), Egbert (Edward) en Geert (George) en Engeltje’s broer Egbert (Edward) Hekman. Een paar jaar eerder zijn Fokko’s ouders en broers al naar Amerika verhuisd. Hun bestemming was echter niet Grand Rapids in Michigan, maar Rock Valley in Iowa.
De bestemming van Engeltje en haar gezelschap is dan ook Rock Valley, Iowa. Daar wachten familieleden hen op om hen welkom te heten in hun nieuwe land. Daar zal hun Amerikaans avontuur beginnen. Ook zij zullen worden gevoed door hun eigen religie en cultuur die zij veilig omarmd houden in het midden van hun familiekring.
Zij zullen de “Minnesotans” worden. Hoe dat kan kunt u lezen in “Het verhaal van een Engeltje”, Blogpost gepubliceerd op 23 februari 2021.
Foto’s
imgur.com
commons.wikimedia.org
saveellisisland.org
English
Leaving Home
It is July 1893.
At Langestraat 111, Winschoten, The Netherlands, a family is preparing for going on a journey. Not a road trip or vacation, no, they will move to another country.
It is baker Edsko Hekman, his wife Hendrikje IJmker and their five children Edsko from eleven, Geesje from ten, Hendrik from eight, Jan from six and Jelle from four years old. In their new country, the United States of America, they will carry another name. Geesje will become Gracie, Hendrik Henry and Jan John.
Maybe at home they still will be who they were but for others they will step into this new person with this new name. Changing your name is in a way taking a new identity. I myself changed my name from Tineke into Tinah.
On a certain moment in my life Tineke for me sounded too small like being a little child. Tinah for me sounds and feels more open. There are also people who change their names to mark a particular period in their lives and these children changing their Dutch names into American ones for sure are about to enter a new phase in their lives.
Baker Edsko Hekman, Old Edsko as we call him, has a dream. He wants to become a furnituremaker. Besides, he doesn’t like it that his work as a baker requires from him to work at Sunday evenings preparing the Monday mornings bread. He thinks America will be a better place to fulfill his dream than the Netherlands.
Edsko Hekman is born April 27, 1858 on the ship of his parents Edsko Jans Hekman and Annechien Hindriks Naaijer. He will be the last born of 13 children. His father is a skipper transporting grain for farmers to Groningen town. The whole family lives in the limited space of that ship. In those years, the second half of the 19th century, more and more transportation will take place on the land. Roads are made and the train has appeared on stage. So, the industry on and along the waters becomes less and less important.
Edsko does not become a skipper. He becomes a baker. He is a baker in Scheemda, the place he was born, at the moment he marries Hendrikje IJmker January 1881. Hendrikje also is born into a skippers family. She was born November 15, 1859, at Hoogeveen, Drenthe. When she was born her father wasn’t there to register her birth and so someone else did instead. When Edsko and Hendrikje marry she already is an orphan, and it will be her guardians who will give permission for this marriage.
The couple moves from Scheemda to Winschoten. We know this because their first child, Edsko, was born there on November 3, 1881. All children are born in Winschoten.

Old Edsko has his “Winschoter Broodfabriek” (Bread Factory) at Langestraat 111 as an advertisement tells us. A few months before leaving for the United States he still is a baker. In an advertisement we can read that two persons have to appear at court ecause of having stolen bread from him.

As said, Old Edsko had a dream, a dream to become a furnituremaker.
And so, the family leaves Winschoten, probably by train, to embark on the SS Friesland in Antwerp, Belgium. The voyage back then from Europe to the United States would take ten to twelve days. So, where were you, Geesje, on your tenth birthday, July 11th? Were you still at home in Winschoten or already on your way to America?
Another Dutch family will be on board, too, the Engelhards, Old Edsko’s nephew. The destination of both families will be Grand Rapids, Michigan, USA. Since a year Antje Hekman Engelhard, Old Edsko’s sister, already lives there.
The children must have been very excited although it might have been not that easy to leave everybody and everything behind they had known so well whole their lives. But the sunny side is that relatives are awaiting them and will be there to welcome them in their new homes.

July 25, 1893, the SS Friesland arrives at Ellis Island, New York. The lucky ones who traveled first and second class do not need the check-up the in-between-decks people will have to undergo. At checkpoint Ellis Island these people will be physically examined, and their background will be checked.
Sick and weak persons, the ones who might cause a problem for the American people because of being a prostitute, someone who has been in contact with the police before or even being a criminal, they will be sent back to the country they come from.

The Hekmans and Engelhards do not need such a check-up and are allowed to continue their journey to their destination Grand Rapids.
In the beginning of the 1900s other Hekman families will join them there such as Roelf Hekman and his wife Antje van Heukelem in 1905 and Roelf’s parents Pieter Hekman and Boelechien Bos in 1907.
Like bees cluster together in their hives during wintertime to keep each other warm and, even more important, to protect the queen in the center of their circle, the Hive Mother, who is carrying the potential of new life within her, Hekman families gather in Grand Rapids. In the center of their circle, they keep alive their own religion and culture, fertile soil they need to grow their new lives from.
After about ten years it is time to swarm and Roelf Hekmans family moves to Hospers, Iowa. After four years Iowa they move on to California, where they settle, and so become the “Californians”. The ones who stay behind in Grand Rapids become the “Michiganders”.
There is a third lineage though, the Egbert Heckman family from Beerta. They follow their own unique path in our family tree as well as in the United States.
Californians, Michiganders and my family in the Netherlands are all descendants of our early common ancestors Jarcke Hindricks Heckman and Ettien Thedinghe. The Egbert Heckman family however descends from Jarcke Hindricks Heckmans brother, Jan Hindricks Heckman and his wife Teube Hindricks.
It is March 8, 1892, when the SS Friesland arrives at Ellis Island, New York. On board are Engeltje Hekman from Beerta, Groningen, The Netherlands, her husband Fokko van der Laan, their children Berend (Ben), Egbert (Edward) and Geert (George) and Engeltje’s brother Egbert (Edward) Hekman.
A few years earlier Fokko’s parents and brothers already moved to the United States, but they did not go to Michigan. They headed to Iowa, to a place called Rock Valley. So, the destination of Engeltje and her companions is Rock Valley. It is there that they will be awaited and welcomed by their relatives. It is there that their American adventure will have a start. They, too, will be nourished by their own religion and culture safely held in the center of their circle. These people will become the “Minnesotans”. You can read about that in “Het verhaal van een Engeltje” (The story of an Angel), Blogpost published Feb 23, 2021.
Photos
imgur.com
commons.wikimedia.org
saveellisisland.org